Generaties bestaan niet? Een uitnodiging om verder te kijken
“Generaties zijn geen hokjes, maar levende updates van organisatieculturen.”
De laatste tijd zie ik steeds vaker berichten langskomen waarin generatieverschillen ter discussie worden gesteld. “Generaties bestaan niet.” “Generatiedenken is onzin.” “Het is niet wetenschappelijk.”
Ik begrijp waar die kritiek vandaan komt. Veel generatiedenken is te simpel, te stereotype, en leidt inderdaad eerder tot verwarring dan tot begrip. Maar de manier waarop ik generaties onderzoek en inzet in organisaties, laat een ander beeld zien. Een beeld dat niet gebaseerd is op hypes of labels, maar op ruim 25 jaar praktijkonderzoek in honderden organisaties.
In dit artikel leg ik uit waarom de kritiek deels terecht is – én waarom ze ook tekortschiet.
Download hier het hele artikel in pdf.
De kern van de kritiek
- De grenzen tussen generaties zijn willekeurig.
- Individuele verschillen zijn groter dan de verschillen tussen generaties.
- Generaties zijn niet wetenschappelijk te meten.
- Generatiedenken leidt tot hokjes en vooroordelen.
Ik geef critici op veel punten gelijk – vooral als het gaat om populaire, versimpelde ideeën over generaties. Denk aan termen als “de luie Millennial” of “de overgevoelige Gen Z’er”. Zulke beelden doen geen recht aan de werkelijkheid én helpen organisaties niet verder.
Maar daar stopt het verhaal niet.
Wat mijn onderzoek laat zien
In 2007 promoveerde ik op het onderwerp Generaties in organisaties, gebaseerd op jarenlang onderzoek in vijf Nederlandse organisaties. Inmiddels heb ik met meer dan 200 organisaties gewerkt – van ziekenhuizen tot overheden, van multinationals tot startups.
Elke nieuwe generatie brengt een vernieuwingsimpuls mee.
Die impuls komt tot leven wanneer jonge medewerkers de ruimte krijgen om te doen wat bij hen werkenergie opwekt – en wanneer oudere generaties hen daarin ondersteunen. Dan ontstaat er vernieuwing van binnenuit.
Waarom vernieuwing nodig is
Vergelijk een organisatie met een vijver. Als je het water regelmatig ververst, blijven de vissen gezond. Doe je dat niet, dan versuffen ze.
Zo werkt het ook in teams en organisaties. Zonder vernieuwing slibt de cultuur dicht. Jongeren lopen vast. Ouderen raken uitgeput. Burn-out, verloop en stilstand zijn het gevolg.
Wie jong ondersteunt, blijft zelf vitaal.
Generaties zijn geen hokjes
Wat zijn generaties dan wél? In mijn visie zijn het sociale vernieuwingsgolven, die ongeveer elke 15 jaar opkomen. Ze worden gevormd in de eerste 15 jaar van iemands leven, vooral door veranderingen in opvoeding.
Voorbeelden uit mijn onderzoek:
- Protestgeneratie (1940–1954): dochters kregen de boodschap “Zorg dat je op eigen benen staat.”
Effect: vrouwen uit de Pragmatische generatie zijn gemiddeld hoger opgeleid dan mannen. - Verbindende generatie (1955–1969): van “Luister naar autoriteit” naar “Volg je hart.” Ouders werden coaches.
- Gen Z (2000–2014): opgevoed met uitleg en betrokkenheid. Ze willen weten waarom iets zinvol is.
Onderzoek met mensen, niet over mensen
Mijn onderzoek is geen vragenlijst of spreadsheet. Het is actiegericht, antropologisch en vindt plaats in organisaties. Ik werk met generaties in groepen, film sessies, analyseer gedrag met gedragsdeskundigen en laat organisaties zelf zien wat er gebeurt.
Zo bouwen we inzichten op die direct toepasbaar zijn.
Wat als je vernieuwing tegenhoudt?
Als generaties geen ruimte krijgen om te vernieuwen, ontstaat er stagnatie of zelfs conflict:
- Intern: gevoelens van onmacht en lusteloosheid
- Extern: opstand, burn-out of sociale frictie
Vernieuwingsenergie moet stromen. Als je haar tegenhoudt, zoekt ze een andere – vaak destructieve – uitweg.
Een uitnodiging
Mijn doel is niet om generaties in hokjes te stoppen. Integendeel. Ik wil organisaties helpen om de vernieuwing die in generaties schuilt te benutten – ten goede van álle medewerkers.
Denk je: “Generaties, dat is onzin”? Mooi. Dan daag ik je uit. Lees mijn whitepaper. Kom naar een lezing. Of ga met me in gesprek.
Misschien zie ik iets over het hoofd. Maar die kans lijkt me klein 😉. Mocht dat toch zo zijn, dan hoor ik het graag. Want daar worden we allemaal wijzer van.
— Aart Bontekoning
